To slang or not to slang

Het was zomaar een meldkamerdagje toen er een mevrouw nogal ongerust en lichtelijk in paniek naar ons opbelde. Ze was  de kelder aan het opruimen en zag aan het rooster van binnen naar de straatkant een dode slang hangen.

In paniek rende ze de straat op en 2 werklieden die met de straat bezig waren,  hebben de slang eraf gehaald. Deze mannen namen de slang mee en zouden haar berichten om wat voor slang het ging.

Nu had ze nooit meer iets vernomen en was de hele middag met allerlei instanties gaan bellen, maar niemand wist er iets van. Nu hoopte ze op ons. Want, zo hadden de werklui gezegd, dit was een jonkie, dus er zou zeker een heel gezin zijn. En het ging om een cobra, dat wist mevrouw zeker.
Ik probeerde haar gerust te stellen door uit te leggen dat het niet om een cobra kan gaan, die komen immers niet in Nederland voor en worden eigenlijk niet in huis gehouden (uitzonderingen daar gelaten natuurlijk). Ik denk dat het gewoon om de ongevaarlijke ringslang gaat, mevrouw. Oh nee, het was absoluut geen ringslang, want ze wist heus wel hoe een ringslang eruit zag. Nieuwsgierig vroeg ik de mevrouw of ze weet hoe een ringslang eruit ziet. Roze, zei mevrouw. Er verscheen een glimlach op mijn gezicht… Uuh roze, er zijn geen roze slangen mevrouw, behalve dan een tuinslang.
Als u de foto zou zien, zou u wel anders piepen, zei mevrouw een beetje pinnig. Ah, heeft u er een foto van gemaakt, vroeg ik verheugd. Wilt u die dan even naar mij toe mailen, dan kan ik u zo vertellen om wat voor een slang het gaat. Ik wachtte af, 10 minuten, 20 minuten, een half uur; er kwam geen foto binnen. Ik belde mevrouw en kreeg een voicemail. Ik sprak in dat ik zo benieuwd was naar de foto, of ze me even terug kon bellen.
U begrijpt het denk ik al, lieve lezer, ze belde niet terug en de foto heb ik nooit ontvangen.

Sandra