PERSBERICHT

“Dumpen van schildpadden lijdt tot veel dierenleed en we kunnen geen kant op!”

De politiek (gemeenten, provincies en de landelijke overheid) worstelt met de vraag: hoe gaan we om met invasieve exotische dieren zoals schildpadden die niet in de natuur thuis horen. Want hoewel schildpadden lange tijd massaal door Nederlanders in huis werden gehaald, staan deze dieren wel op een Europese lijst om bestreden te worden. Dat geldt met name voor roodwang-, geelwang- en geelbuikschildpadden.

Het probleem is dat deze dieren vaak door eigenaren die spijt hebben van hun aankoop worden losgelaten in de natuur. En nu de zomervakantie voor de deur staat, zullen er weer flink wat dieren gedumpt worden, met het idee dat schildpadden zich wel redden in een vijver. Maar dat is dus niet zo.

Deze schildpadden kunnen slecht tegen kou. Ze doen zich weliswaar nu tegoed aan kikkervisjes, maar komen in de problemen als de temperatuur lager wordt dan 18 graden. Bovendien zijn het echte gravers dus ze maken slootwallen kapot. Daarnaast kunnen ze ziektes en virussen bij zich hebben die ze over kunnen dragen op andere inheemse reptielen en amfibieën. Daarom zijn er zeer strenge regels vanuit de overheid als het gaat om het verwijderen van deze dieren uit de natuur. Maar als de dierenambulances moeten uitrijden voor een schildpad in nood, kunnen ze vanwege die strenge regels geen kant op.

Daniëlla van Gennep, Hoofd Dierenwelzijn en Public Affairs van Stichting DierenLot licht toe: “Voor invasieve exoten zoals roodwangschildpadden geldt naast een import- en handelsverbod ook een bezit- en fokverbod. Opvangcentra die deze dieren opvangen, hebben daar een speciale ontheffing voor nodig die moeilijk te verkrijgen is. Maar ook het vervoer van deze dieren, bijvoorbeeld via dierenambulances, is aan zeer strenge regels verbonden."

Margje de Jong van Dierenambulance Amsterdam spreekt uit ervaring: “Vaak zijn het mensen die een schildpad vinden, meestal in recreatieparken in stedelijke gebieden, waarna ze de dierenambulance bellen. Het beestje in de natuur laten is geen optie. Maar er zijn maar een paar schildpaddenopvangcentra in Nederland en dat betekent soms dat we vanuit Amsterdam honderden kilometers moeten rijden voor één schildpad. Het zou daarom mooi zijn als het mogelijk zou worden om schildpadden tijdelijk op te vangen. Als we dan een stuk of vijf schildpadden hebben, kunnen ze deze allemaal tegelijk vervoeren naar de opvang maar dat mag op dit moment absoluut niet.”

En dan is er de volgende uitdaging: Hoe meer schildpadden er bij de opvang binnenkomen, hoe meer ruimte er nodig is. Momenteel zitten er wel 2.000 schildpadden in de gespecialiseerde opvangcentra, waarvan 80% in de natuur is gevonden. Het aantal schildpadden dat opgevangen moet worden, loopt hard op, soms wel met 10 a 15 per dag. Alexandra van Stichting Carnivora: “Het probleem is dat wij de dieren volgens de wet niet mogen herplaatsen. Dat betekent dat de schildpadden tot hun dood bij ons moeten blijven en ze kunnen wel 40 jaar oud worden. Als de opvang vol zit, zijn we genoodzaakt om te stoppen met het aannemen van nieuwe schildpadden. Daarom willen we heel graag dat er voor ons als opvangcentrum een uitzondering wordt gemaakt, zodat we deze dieren wél een nieuw baasje kunnen geven mits deze goed gescreend worden. In de tussentijd willen we graag proberen om een schildpaddenreservaat te beginnen. Hier kunnen de schildpadden vrij leven in een afgesloten gebied waar ze verzorgd en gevoerd worden en op eigen initiatief naar binnen of naar buiten kunnen.”

De dierenhulporganisaties vinden dat deze dieren niet de dupe mogen worden van het probleem dat mensen zelf veroorzaakt hebben en zoeken naar praktische oplossingen. Dus treden zij binnenkort in overleg met de overheid om de praktijk en regelgeving op elkaar af te stemmen.